Daglicht

Pin High – daglicht
‘Iets waar je bij golf nooit teveel van kunt hebben…’

‘Waarheen, waarvoor? Waarheen leidt de weg, die we moeten gaan’. De oorwurm van Mieke Telkamp die decennialang de top-10 van de uitvaart playlist bepaalde, heeft niets met golf te maken. Gelukkig niet. Of het moet zijn als de bal dood in de bunker ligt. Afijn, ook zonder directe link met golf schoot het deuntje op een gegeven moment door mijn hoofd tijdens de drie dagen durende International Golf Travel Market, dé Pin High golfreizenvakbeurs voor de golfreiswereld. Waar wil de golfer eigenlijk heen en waarvoor?

‘De golfmarkt is behoorlijk conservatief’, fluisterde een touroperator me tijdens één van de drie dagen in Ljubljana in. ‘Eigenlijk wil de golfer al jaren precies hetzelfde en niet meer dan dat. Een goede golfbaan op niet meer dan een drive, liever nog niet meer dan een wedge afstand. Het liefst nog een of twee andere goede banen in de buurt, een goed hotel, restaurant op loopafstand, en – vooruit – een stadje in de buurt om eventueel een middagje heen te gaan.’

Ik hoorde het aan en nam zo mijn eigen wensenpakket eens door. Dat van die golfbaan voor de deur klopt hoe dan ook. Persoonlijk vind ik weinig fijner en inspirerender dan ‘s ochtends de gordijnen open te schuiven en direct te worden geconfronteerd met mijn favoriete verblijfplaats. Vaak kijk je vanuit je kamer uit op een stukje fairway, met wat geluk zit je pal aan de oefengreen en soms zit je op een plek die zó bijzonder is, dat je uren voor je raam kan blijven staan. Zo sliep ik afgelopen zomer in een hotel dat grenst aan de achttiende fairway van Royal Troon in Ayrshire. Ik kan werkelijk iedereen een verblijf in The Lodge in Kent aanraden, met uitzicht op Royal St. George’s én Princes. Douchen terwijl je de vlag op de veertiende green van een baan van The Open kunt zien wapperen…

Pin High - Thracian CliffsGoed, dat deel hebben we gehad. Banen in de buurt dan. Altijd fijn, een beetje keuze. Al blijft het lastig een goede volwaardige combinatie te maken. In de meeste gevallen is één baan het top affiche waarvoor je komt, zit er nog wel een fraaie baan in de buurt, maar is er ook vaak een die dan net even minder is. Of dat dan komt doordat de topattractie zó mooi is dat de rest wat schril afsteekt, of dat die laatste dan ook echt weinig bijzonder is, blijft lastig te zeggen. Een BlackSeaRama in Bulgarije is geweldig, maar verbleekt bij het even verderopgelegen Thracian Cliffs.

Het goede hotel lijkt me evident, al hoeft dat allemaal niet zo uitbundig te zijn als je het soms treft. In Dubai, Amerika of Mauritius kon het allemaal niet op. Ik sliep in dezelfde kamer als Vijay Singh altijd koos tijdens voor wedstrijden op PGA National, omdat hij dan in drie passen op de driving range stond. Ik dus ook. In Dubai vergaapte ik me op aan het grootste indooraquarium dat ik ooit zag in de lobby van Atlantis The Palm en verdwaalde ik op weg naar mijn kamer. En mijn uitzicht op Mauritius was niet minder dan dat van een bounty eiland (lees erover in Golfers Magazine 9, 2018) met foto’s die zó de brochure in zouden kunnen.

Daar tegenover staan kamers in tal van (vooral) Engelse hotels. Vrijwel standaard klein, gehorig en met de centrale verwarming op standje sauna. Weinig comfortabel, maar hoe lang ben je nu eigenlijk op je kamer tijdens een golfreisje? Een bed dat redelijk slaapt, functionerend internet en een fatsoenlijk kussen is wat je nodig hebt. Al het andere is mooi meegenomen, maar niet per se noodzakelijk.

Wat geldt voor de kwaliteit van de hotelkamers geldt in zekere zin ook voor de andere ankerpunten. Het is fijn als je wat te kiezen hebt met eetgelegenheden, maar net zo makkelijk schuif ik vier dagen op rij dezelfde pasta naar binnen met daarnaast een simpel huiswijntje. Niet dat je dat vaak tegenkomt – zelden tot nooit eigenlijk, wat kin je goed eten in veel clubhuizen – maar het is niet het belangrijkste van een golfreis, net zo min als een programma buiten de golfbaan dat is. Hartstikke leuk als je na je ronde aan het zwembad kunt liggen – vooral als het in Nederland al goed wintert – of er een leuk pittoresk dorpje in de buurt is en  je zelfs een cultureel hoogtepunt kunt bezoeken, maar meestal is de batterij na weer een ronde zó leeg dat de gang naar de bar nog maar net haalbaar is. Het plan is wel vaak om nog even te gaan kijken bij dat kasteel/paleis/museum/stadje, maar bijna net zo vaak blijft het bij goede voornemens. Jammer? Ja. Erg? Mwoh…

Nee, waar je wat mij betreft bij elke golfreis pas écht behoefte aan hebt, waar je nooit teveel van kunt hebben, maar wat je zelden in de brochures ziet staan, is daglicht. Zoveel mogelijk…
Zou er genoeg zijn voor nog een rondje golf?

Golfers Magazine, Martijn Paehlig
logo_golfersmagazine100x33Z16
Van de Pin High redactie: Golfers Magazine hoofdredacteur Martijn Paehlig schrijft enkele keren per jaar een reisverhaal voor de Pin High blog. Pin High biedt golfreizen naar o.a. SpanjePortugalFrankrijkhet Verenigd KoninkrijkBelgiëDuitslandNederlandZuid-Afrika en Thailand.



There are no comments

Add yours